Zeg nooit nooit

Stellig had ik me voorgenomen nooit meer @Twitter te informeren over abuse. Als we aan media-platforms de uiteindelijke redactie overlaten over de inhoud raken we van de regen in de drup. Zaken die onder het strafrecht vallen horen bij justitie thuis. 

Aangezien iemand beweert voortdurend klachten over mij te deponeren bij dit platform, waarvan eentje me werd voorgelegd, en om te voorkomen in een eindeloos nietes welles spelletje terecht te komen met “ja” beantwoord heb, dien ik nu een klacht in tegen die persoon. Hij overschrijdt steeds weer de grenzen van de betamelijkheid, van het doodeenvoudige burgerfatsoen. Een meute aanhangers gelooft hem op zijn woord en nemen geen enkele notitie van wat ik werkelijk te melden heb.

Dit presteert de man nu:

 
 
 

 
 
 

De man is jurist, we mogen dus veronderstellen dat hij weet wat de draagkracht is van hetgeen hij me in de mond legt: nazi. Verifieer even onder “Tibaert nazi“. Wat valt er te constateren, waar beschuldig ik deze man van “nazi”? Overigens ook aan z’n beschuldiging van “antisemiet” aan mijn adres geeft hij achteraf een draai, maar dat feit is al zaak voor justitie.

Willens en wetens iemand beschuldigen van een strafbaar feit dat eenvoudig te controleren valt en onwaar, uit de duim gezogen is, hoe moeten we een dergelijke handelwijze betitelen? Het is bij lange na niet zijn eerste leugen en zeer vermoedelijk niet zijn laatste. Ze is inherent aan zijn handelwijze, afgaan op smaad en laster en dat verkopen als de waarheid. In dit geval over de persoon achter Tibaert. Met de term salonfascist druk ik mij nog terughoudend over hem uit. Nogmaals, de man is jurist, dat maakt voor mij deze kwestie en zijn uitspraken over fascisme zo relevant.

 

Geef een reactie